BD BEDREIGT INHEEMSE AMFIBIEËN IN EEN VAN DE LAATSTE TOEVLUCHTSOORDEN TER WERELD
De schimmel Batrachochytrium dendrobatidis (Bd) heeft wereldwijd geleid tot een sterke afname van amfibieënpopulaties en zelfs tot het uitsterven van sommige soorten. Vooral in de tropische hooglanden van Midden- en Zuid-Amerika zijn de gevolgen groot. Toch lijken de amfibieën in de Sierra Nevada de Santa Marta (SNSM), een afgelegen gebergte in het noorden van Colombia, tot nu toe aan de schimmel te zijn ontsnapt. Onze recente studie suggereert dat dit gebied een van de laatste grote toevluchtsoorden voor amfibieën in de neotropische hooglanden is waar Bd nog niet is aangetroffen.

Een laatste toevluchtsoord voor amfibieën? Het SNSM is de thuisbasis van minstens 48 amfibiesoorten. Daarvan komen er 25 nergens anders ter wereld voor. Het gebied is ook belangrijk voor verschillende soorten klompvoetkikkers (Atelopus), een geslacht dat in Midden- en Zuid-Amerika zwaar is getroffen door Bd. Samen met een internationaal onderzoeksteam gingen we na waarom de amfibieën in dit gebergte tot nu toe aan de schimmelziekte chytridiomycose lijken te zijn ontsnapt. Zijn ze bestand tegen de infectie, of hebben de meest agressieve Bd-stammen het gebied eenvoudigweg nog niet bereikt?
Om dat te onderzoeken, analyseerden we meer dan 2.200 huidstalen van amfibieën en onderzochten we ook eDNA-stalen. In geen van de stalen vonden we Bd terug, noch in het SNSM, noch in de omliggende laaglanden. Ook het DNA van de endemische klompvoetkikker Atelopus nahumae vertoonde geen sporen van een sterke achteruitgang van de populatie door ziekte. Toch is Bd dichtbij. In een aangrenzend deel van de Andes, op minder dan 20 kilometer van het SNSM, vonden we namelijk de zeer virulente Global Panzootic Lineage (GPL) van de schimmel.

Een unieke gemeenschap in gevaar
Modellen die het klimaat en de omgevingsomstandigheden in kaart brengen, tonen aan dat Bd goed zou kunnen gedijen in het SNSM. Toch lijkt de schimmel het gebergte nog niet te hebben bereikt. De hete, droge laaglanden rondom het gebergte vormen mogelijk een natuurlijke barrière die de verspreiding ervan tegenhoudt.
Uit experimenten met drie inheemse amfibiesoorten bleek bovendien dat niet alle soorten even goed bestand zijn tegen de infectie. De klompvoetkikker (Atelopus laetissimus) verdroeg de besmetting, maar bij de kikker Cryptobatrachus boulengeri verliep die veel ernstiger. Alle besmette kikkers bereikten binnen zeven weken het vooraf vastgestelde humane eindpunt. Alles wijst erop dat Bd zich er nog niet heeft gevestigd. Dit kan verklaren waarom de amfibieëngemeenschappen hier tot nu toe gespaard zijn gebleven, terwijl amfibieënpopulaties in andere delen van de wereld sterk zijn afgenomen door deze schimmel.
Het gebied beschermen vóór het te laat is
Hoewel de resultaten hoopgevend zijn, blijft het risico op een uitbraak bestaan. Bd komt al voor in de nabijgelegen Andes en door de toenemende menselijke activiteit kan de schimmel het SNSM bereiken. Zodra Bd zich in een natuurgebied vestigt, is het bijzonder moeilijk om er weer vanaf te komen. Daarom is het belangrijk om het gebied goed te beschermen en te voorkomen dat de schimmel zich er verspreidt. Strenge bioveiligheidsmaatregelen en gerichte bescherming van kwetsbare soorten kunnen daarbij helpen. Zo kunnen we voorkomen dat Bd de unieke amfibieëngemeenschappen van het SNSM aantast, waaronder 25 soorten die nergens anders ter wereld voorkomen.
Wil je meer weten?
Lees de volledige wetenschappelijke studie hier of bezoek onze website en ontdek nog meer interessant onderzoek!






Opmerkingen